Gesprekstherapie op nummer!

Ravensburger Gesprekstherapie op nummer

Iedereen kan therapeutische gesprekken voeren! Dankzij de eenvoudige techniek van gesprekstherapie op nummer is het kinderlijk eenvoudig de therapeut in jezelf wakker te maken! Gesprekstherapie op nummer heeft een ruime keuze aan bewezen effectieve interventies. Vind snel en eenvoudig jouw behandelmethode aan de hand van de overzichtelijke DSM-V-indeling. Hoogwaardige informatie met gedetailleerde en stapsgewijze beschrijving van elke behandeling, maken van Gesprekstherapie op nummer een onvergetelijke therapie-ervaring.

Protocollaire behandelingen

Daar sta je dan als gesprekstherapeut met een HBO of universitaire opleiding plus allerlei postdoctorale cursussen. Word je behandeld als een zevenjarige kind en moet je ‘bewezen effectieve’ gesprekstherapie doen van het management, de zorgverzekeraars, de beroepsorganisaties en de politiek. Hoe dat precies moet, wordt allemaal uitgelegd in Protocollaire behandelingen voor volwassenen met psychische klachten 1, 2 en 3: hét naslagwerk dat in iedere behandelkamer thuishoort.  En je krijgt heel veel waar voor je geld:

  • 29 compleet uitgewerkte psychologische behandelingen voor veelvoorkomende psychische stoornissen.
  • de krachtigste behandelingen voor patiënten met psychische problemen binnen de lichamelijke en geestelijke gezondheidszorg
  • patiënt staat centraal
  • gedetailleerde en stapsgewijze beschrijving van elke behandeling
  • uitgebreide aandacht voor de uitleg van de behandeltechnieken
  • de behandeltechnieken worden verduidelijkt door casussen, dialogen, valkuilen en tips
  • aansluiten op de unieke mogelijkheden van elke individuele patiënt
  • handvatten bij moeizaam verlopende behandelingen
  • bijlagen: formulieren, vragenlijsten en huiswerkopdrachten voor de cliënt
  • hoort thuis in de praktijk van psychologen, psychotherapeuten en psychiaters
  • meer dan zeventig auteurs, allen experts op hun vakgebied
  • onder redactie van vijf professoren!

Dan zijn er de Zorgstandaarden met een beschrijving van alle stappen in het hele zorgproces voor mensen met een bepaalde psychische aandoening. ‘Dan kun jij, samen met de patiënt, ervoor zorgen dat behandeling aansluit op de persoonlijke situatie van de patiënt, want geen mens is hetzelfde.’ Kijk en luister even naar de animatie’s waarin het allemaal uit de doeken wordt gedaan. Jawel, zo hoort het en netjes binnen de lijntjes kleuren!

Niet alleen therapeuten worden als kleine kinderen behandeld, ook mensen met psychische problemen. Dat is het ergste. ‘De patiënt staat centraal’ en ‘Aansluiten op de unieke mogelijkheden van elke individuele patiënt’. Bla…bla…bla…bla..bla. Zouden ze het zelf geloven, die experts en de professoren?

Wat lief! Patiënten en naasten, zorgprofessionals, zorgaanbieders en financiers werken samen in hun streven naar goede, toegankelijke en betaalbare geestelijke gezondheidszorg.

Wat lief! Patiënten en naasten, zorgprofessionals, zorgaanbieders en financiers werken samen in hun streven naar goede, toegankelijke en betaalbare geestelijke gezondheidszorg.

Gesprekstherapie bestaat uit gesprekken

Mensen willen als een gelijkwaardig persoon bejegend te worden en niet als een onmondige kleuter. Ze waarderen het als ze gezien en gehoord worden; dat hun verhaal, mening en ervaring er toe doen. Mensen knappen op als ze zich vrijuit kunnen uiten over wat hen erg dwars zit. Dat is in het dagelijks leven zo en ook in gesprekstherapie. Wat therapeuten moeten doen is een situatie scheppen waarin cliënten dat kunnen. Daarvoor heb je geen set van drie delen Protocollaire behandelingen nodig die je voor € 159,95 moet kopen. De in totaal 1864 pagina’s aan uitleg hoe je clienten met uiteenlopend psychische leed moet behandelen hoef je niet te bestuderen. Wat je ook bij het merendeel van de cliënten achterwege kunt laten is de uitvoerige psychodiagnostiek en het stellen van diagnoses met behulp van de DSM-5 die inmiddels 1211 pagina’s telt. Bij elkaar meer dan 3000 pagina’s aan tekst en uitleg om mensen te helpen met psychisch lijden!

Bewezen effectieve behandelingen?

Je bent helemaal niet gebonden aan ‘evidence based’. Blader eens in de recente publicatie van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving: Zonder context geen bewijs. Over de illusie van evidence-based practice in de zorg. De Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS) is een onafhankelijk adviesorgaan voor de regering en de beide kamers der Staten-Generaal. Recent publiceerde de RVS ‘Zonder context geen bewijs’. Uit het voorwoord: “‘Evidence-based’: het is een toverformule die is doorgedrongen tot in de haarvaten van de praktijk, het beleid en de financiering van de zorg. Eerst het bewijs leveren en dan pas toepassen, betalen of inkopen. Richtlijnen, protocollen, toezichtkaders, kwaliteitsindicatoren en zorgcontracten getuigen hiervan. De onderliggende aanname is dat bewezen zorg ook altijd goede zorg is.” Die aanname blijkt helemaal niet te kloppen. De RVS doet aanbevelingen zoals: ‘Zorgprofessionals stemmen hun zorg af op de context van de patiënt en besteden meer aandacht aan luisteren dan aan zenden van informatie.’

Het is inmiddels duidelijk dat die ‘evidence based’ behandelingen helemaal niet zo effectief zijn. Pim Cuijpers presenteerde onlangs de resultaten van een meta-analyse waarin diverse vormen van psychotherapie bij milde tot matige depressie onderzocht werden op effectiviteit (zie tabel 1) Wat bleek? Er zijn eigenlijk nauwelijks verschillen in effectiviteit tussen de diverse vormen van therapie zijn. Die krachtigste protocollaire behandelingen zijn helemaal niet de krachtigste. Feitelijk zijn alle vormen van psychotherapie bij depressie nogal slap en bij andere stoornissen is dat ongetwijfeld ook het geval.

Belangrijke informatie die je ook zonder kennis van statistiek met je gezonde verstand kunt begrijpen is de NNT (numbers-needed-to-treat). Het aantal mensen dat men moet behandelen om één positieve uitslag méér te hebben dan in de niet-behandelde groep. Met andere woorden; zonder therapie knapt een groot deel van de mensen op. Wil je dat er met therapie nog ééntje extra opknapt dan moet je vijf mensen behandelen waarvan er dan vier géén baat hebben bij hun therapie. Kortom: met deze onderzoeksresultaten en de aanbevelingen van de Raad voor Volksgezondheid en Samenlevingen ben je helemaal niet gebonden aan die ‘bewezen effectieve interventies’ en hoef je niet binnen de vakjes te kleuren die de ‘experts op hun vakgebied’ voor jou en je cliënt hebben getekend.

Wat kun je wel doen?

De mate waarin een therapie werkt hangt af van een klein aantal fundamentele ingrediënten die in meer of mindere mate in elke therapie zitten. Een van die ingrediënten, waarschijnlijk de belangrijkste transdiagnostische factor, is je cliënt helpen om intensief stil te staan bij de emotionele pijn.

Er zijn vier fundamentele bestanddelen voor een succesvolle therapeutische activiteit[1]:

  1. Cliënten richten voortdurend hun aandacht op het pijnlijke onderwerp.
  2. Ze uiten zich naar buiten toe over wat ze in het huidige moment ervaren. Dat kan op verschillende manieren: pratend, schrijvend, lichaamsgericht of beeldend.
  3. Alle gevoelens krijgen ruimte, aandacht en erkenning.
  4. Opvattingen, waarden of doelen worden meer bewust evenals hun consequenties en de beoordeling ervan.

Het hele ‘bouwwerk’ van het probleem met al zijn relevante facetten moet in het bewustzijn komen. Dan wordt het completer en vanuit een breder en realistischer perspectief ervaren en verwerkt. Gevoelens en gedachten veranderen en geven een nieuwe kijk op alles met een of meer van de volgende resultaten: vrede met de stand van zaken, het probleem lost zich ‘spontaan’ op en/of er dienen zich nieuwe mogelijkheden/oplossingen aan.

Hoe doe je dat?

Ga er vanuit dat mensen meestal zelf de kennis in huis hebben voor het oplossen van hun psychische problemen. Moedig je cliënten aan om te praten over de verschillende kanten van het probleem zoals die zich hier-en-nu openbaren. Let vooral op verstoringen[2] en stel daar vragen over. Laat je cliënt zelf in elke sessie het gespreksonderwerp bepalen en ook wanneer en hoe vaak hij afspraken wil. Doe geen therapeutische interventies[3] en volg geen protocol. Houdt de aandacht van je cliënt steeds dicht bij het onderwerp door er voortdurend nieuwsgierige vragen over te stellen. Wees zeer spaarzaam in het geven van uitleg, interpretaties, adviezen of oefeningen.

Denk aan de platina-regel: behandel anderen zoals zij graag door jou behandeld willen worden. De voorwaarde daarvoor is dat je de ander de ruimte heeft en luistert. Als jou iets dwarszit dan zorgt alleen al het vrijuit onder woorden brengen van gedachten en gevoelens voor verbetering. Dat heb je zelf ongetwijfeld meer dan eens ervaren. Als je in gesprekstherapie de platinaregel volgt dan weet je dat een manier van hulp bieden volgens de officiële ggz-richtlijnen niet de enige en niet de beste manier is.


[1] Carey, T. A., Mansell, W., & Tai, S. J. (2015). Principles-based counselling and psychotherapy: A Method of Levels approach. London: Routledge.

[2] Dit zijn de (non)verbale veranderingen zoals aarzelen, een andere gelaatsuitdrukking, wegkijken, onrustige bewegen, ander taalgebruik of een evaluerende opmerking maken. Op deze momenten dienen zich vaak op de achtergrond belangrijke gevoelens en gedachten aan.

[3] Er zijn tal van interventies die strikt genomen geen gespreks- of psychotherapie zijn maar daarop soms een zinvolle aanvulling kunnen zijn. Voorlichting geven, sociale vaardigheidstrainingen, ontspanningsoefeningen, mindfulness of beeldende-, creatieve en bewegingstherapie horen hierbij.